Fiscale eenheid: internationaal voordeel, nationaal nadeel?

Artkel
Administratie

Fiscale eenheid: internationaal voordeel, nationaal nadeel?

Artkel

Een fiscale eenheid kan in het kader van de heffing van vennootschapsbelasting verschillende voordelen bieden. Denk aan de interne verliesverrekening en het feit dat bij interne reorganisaties geen winst hoeft te worden genomen. Verder zijn nadelige regelingen, zoals de houdsterverliesregeling en de aftrekbeperking voor deelnemingsrente, binnen een fiscale eenheid niet of minder snel van toepassing. Deze voordelen gelden in beginsel uitsluitend voor binnenlandse situaties.

Voordeel binnen de EU

Onlangs heeft het Hof van Justitie van de EU (HvJ EU) een belangrijke uitspraak gedaan, waardoor bepaalde voordelen van een Franse fiscale eenheid mogelijk ook gelden voor grensoverschrijdende EU-situaties.

In deze zaak draaide het om een Franse moedermaatschappij met 95% van de aandelen in een dochtermaatschappij gevestigd in een andere EU-lidstaat. Bij ontvangst van een dividend door een Franse moedermaatschappij wordt 5% aangemerkt als niet-aftrekbare kosten in verband met de deelneming. Echter, in binnenlandse situaties kan dit worden voorkomen door  te kiezen voor het Franse consolidatieregime. In dat geval  is het dividend geheel vrijgesteld.

De betreffende moedermaatschappij kon hier niet voor kiezen, omdat een buitenlandse dochtermaatschappij niet kan worden geconsolideerd met een Franse moedermaatschappij. Volgens het HvJ EU levert dit een ongerechtvaardigde belemmering van de vrijheid van vestiging op. Een moedermaatschappij met dochtermaatschappijen in andere EU-lidstaten wordt immers  benadeeld door de kostenaftrekbeperking ten opzichte van een moedermaatschappij met binnenlandse dochtermaatschappijen.

Het HvJ EU verwijst hiermee expliciet naar de “per-element-benadering”. Deze houdt in dat met betrekking tot fiscale consolidatieregimes per regeling  moet worden beoordeeld of een EU-lidstaat de voordelen kan voorbehouden aan binnenlandse situaties of dat deze ook toegekend moeten worden in grensoverschrijdende EU-situaties.

Hierbij merken wij op dat op grond van eerdere jurisprudentie van het HvJ EU de interne verliesverrekening in beginsel beperkt blijft tot binnenlandse situaties, tenzij de in het buitenland gevestigde dochtervennootschap de bestaande mogelijkheden tot verliesverrekening heeft uitgeput in haar vestigingsstaat.

Verder merken wij op dat het bij een grensoverschrijdende interne reorganisatie, op grond van eerdere jurisprudentie verdedigbaar is dat, Nederland (onder voorwaarden) uitstel van betaling moet verlenen voor de belasting over vermogenswinsten.

Wat zijn de gevolgen?

Het belang van de Franse zaak is dat er kan worden voorkomenvoorkomen dat  nadelige Nederlandse regelingen van toepassing zijn in een grensoverschrijdende EU-situatie. Denk hierbij aan de houdsterverliesregeling en de aftrekbeperking voor deelnemingsrente. Voor het internationale bedrijfsleven met dochtermaatschappijen in andere EU-lidstaten kan dit een belangrijk voordeel opleveren.  Hier moet dan wel een beroep op worden gedaan.

Na deze uitspraak zou het ministerie van Financiën ervoor kunnen kiezen om bepaalde voordelen van een fiscale eenheid niet meer toe te kennen in binnenlandse situaties, zodat deze in EU-situaties ook niet moeten worden toegekend.  

Wij achten volledige afschaffing van de fiscale eenheidsregeling onwaarschijnlijk en onwenselijk voor het mkb. Vanzelfsprekend houden wij u op de hoogte.

Bron: HvJ EU 2 september 2015, C-386/14 en FD 3 september 2015 ‘Europese hof dreigt gat te slaan in Nederlandse winstbelasting